Gedragscode seksualiteit

Gedragscode seksualiteit

Kinderen zijn nieuwsgierige onderzoekers en ontdekken spelenderwijs hun eigen lichaam. Ook in de omgang met andere kinderen en met pedagogisch medewerkers leren zij welk gedrag gewenst is en waar iemands persoonlijke grens ligt.

Duidelijke afspraken

We hebben duidelijke afspraken gemaakt, ter bescherming van de kinderen. Deze afspraken voorkomen bovendien dat onze medewerkers onbedoeld in nare situaties verzeild raakt. Omdat iedereen zo zijn persoonlijke opvattingen heeft over wat wel en niet kan in de opvoeding wat betreft seksueel gedrag, vinden we het belangrijk om een kader aan te geven. Het begrip seksualiteit is hier in een breed kader geplaatst en omvat allerlei onderwerpen die mogelijk gevoelig liggen op het gebied van seksualiteit.

Gedragscode

Geen seksueel getinte opmerkingen
Onderlinge erotiserende of seksuele boodschappen of grappen willen we niet op de werkvloer. Onze medewerkers weten dat zij een voorbeeldfunctie hebben.

Seksuele toenaderingspogingen van een kind
Op ‘seksuele’ toenaderingspogingen van een kind gaan we niet in. Dit wordt altijd besproken met de locatiecoördinator.

Verbod op seksueel contact
Seksuele handelingen en intieme relaties in de contacten met een kind zijn onder geen beding geoorloofd en beschouwen we als seksueel misbruik.

Vragen van kinderen over seksualiteit
We luisteren naar vragen die kinderen stellen over seksualiteit. Deze vragen beantwoorden we serieus of de we geven bij het kind aan dat het goed is om die vraag met een van de ouders te bespreken.

Uitdagende vragen over het privéleven van de pedagogisch medewerker op het gebied van seksualiteit
We gaan niet mee in de persoonlijke en uitdagende sfeer en geven aan dat een serieus antwoord mogelijk is of we geven aan dat de vraag niet gewenst is.

‘Vieze woorden’ gebruiken
We geven aan dat we geen vieze woorden gebruiken en kiezen ervoor hier een serieuze draai of grens aan te geven of niet op het onderwerp in te gaan. We gebruiken zelf geen schuttingtaal.

Benaming van de geslachtsdelen van de kinderen
Binnen Op Stoom wordt de benaming piemel, penis of plasser(tje) en vagina gebruikt. Andere benamingen gebruiken we niet.

Kinderen op schoot nemen en kinderen knuffelen
We vinden dat kinderen op schoot moeten kunnen zitten. In de BSO komt het initiatief van het kind uit. Dat geldt ook voor knuffelen. Oudere kinderen (vanaf ongeveer 8 jaar) kunnen bij ons komen hangen, maar nemen we niet op schoot. In één op één situaties op de BSO (alleen in een ruimte) zit een kind niet op schoot.

Kinderen helpen de billen afvegen
We begeleiden kinderen om het zelf te doen door uitleg te geven hoe het moet. Als er hulp geboden moet worden, dan bieden we dat.

Baby’s en peuters verschonen
Zowel mannen als vrouwen verschonen kinderen.

Opmerkingen over het privéleven van het kind met betrekking tot ouders en seksualiteit
We vragen in dit geval niet door, uit respect voor het privéleven van de ouders. We geven het gesprek een andere wending, uit respect en om eventuele lading weg te nemen.

Kinderen die onderling op een uitdagende manier over seks praten
We bieden de mogelijkheid aan kinderen om er ‘gewoon’ over te praten. Als het niet uit de beladen sfeer gehaald kan worden, dan stoppen we het gesprek.

Kinderen die ‘doktertje’ met elkaar spelen
Doktertje spelen mag, maar de kleren blijven aan.

Kinderen die elkaar ‘bloot’ laten zien
Dit wordt niet bestraft, maar we leggen uit dat dat hier niet de bedoeling is.

Kinderen spelen niet in hun blootje
Als kinderen met water (of verf) spelen, spelen ze niet bloot. Er blijft minimaal een onderbroek of luier aan.

Pedagogisch medewerkers gaan niet in bikini
Bij warm weer spelen we vaak buiten met water. Onze vrouwen dragen geen bikini, maar houden minimaal een hemdje en een korte broek of rok aan. Ook de mannen houden een shirt (en broek) aan. Uitzondering wordt gemaakt als er een uitstapje naar het strand is.

Zwemles
Bij zwemles helpt een vrouwelijke pedagogisch medewerker de kinderen met afdrogen en omkleden.